Blog
Mar 8, 2024 - 2 MIN READ
Ruimteneutraliteit en bouwshift als doelstellingen van duurzaam landgebruik

Ruimteneutraliteit en bouwshift als doelstellingen van duurzaam landgebruik

Lezing over ruimteneutraliteit en bouwshift als doelen voor duurzaam landgebruik, met inzichten in Europees en Vlaams beleid.

Kasper Vercruysse

Kasper Vercruysse

Tijdens het leerfestival van maart 2024 kregen we de kans een lezing te volgen van Peter Lacoere over zijn boek ‘Van groei naar grens. Ruimteneutraliteit als doelstellingen van duurzaam landgebruik’.

Tijdens de introductie vertelde meneer Lacoere over het feit dat al 72% van de landoppervlakte reeds is ingenomen/aangetast, dit is echter niet enkel nederzettingsoppervlakte. Ook vertelde hij dat sinds er sinds de 20ste eeuw meer gebouwd is mondiaal dan alle eeuwen samen ervoor. Dit komt mede door de snelle ontwikkelingen in Azië. Over landbouw vertelde hij dat als we kijken naar landoppervlakte die wordt ingenomen door landbouw voornamelijk veeteelt is. Als we dan dieper kijken naar Europa zien we dat vanaf 1950 het ruimtebeslag ongeveer verdubbeld is terwijl de bevolking maar voor 10% is gestegen en dat dit voornamelijk komt door het stijgen van de welvaart binnen Europa.

In het volgende deel werd voornamelijk de nadruk gelegd op het concept ‘bouwshift’ en het bestaande beleid. Het doel is om tegen 2024 0 hectare nieuwe grond in te nemen, om dit te bereiken moet er tegen 2025 nog maar 3 hectare per dag ingenomen worden, terwijl dat in 2024 tijdens het moment van deze lezing nog 3,8 hectare was. De bovengrens van wat nog in te nemen landoppervlakte is, ligt op 16 300 hectare. Het probleem is echter dat er maar weinig maatregelen zijn om deze inname te reduceren.

Om hier iets aan te doen kunnen we volgens meneer Lacoere inspiratie op doen bij de ladder van Lansink, die momenteel wordt toegepast rond het thema ‘afval’. Zo zouden we volgens deze ladder, eerst moeten vermijden (bv: moet een groot golfterrein er wel komen?), dan hergebruiken, dan verminderen (bv: een ondergronds in plaats van een bovengrondse parking) en ten slotte compenseren (bv: bodemherstel). Als er vandaag de dag nog ruimtebeslag bijkomt moet er volgens de vergunning gecompenseerd worden (bv: door het aanleggen van een nieuw bos of een compensatie te betalen).

Het grootste probleem zien we echter niet bij de woningbouw, maar bij alles wat er rond komt kijken (bv: aanleg van wegen, recreatie…). We zien dat 90% van de woningbouw al geplaatst wordt op herbruikbare gronden. We moeten niet meer denken in termen van grondgebruik, maar in termen van ontwikkelingscapaciteit door verdichting. We moeten eigenlijk aan omgekeerde stedenbouw doen, we moeten het landschap herstellen in plaats van het uitbreken en verdichten.

In deel drie bekeek meneer Lacoere dan hoe we dat nationaal kunnen uitvoeren. In Vlaanderen is er 32% ruimtebeslag, wat zes keer meer is dan het Europese gemiddelde. Ook de verharding in Vlaanderen is tien keer zoveel als het Europese gemiddelde. Het basis idee om te stoppen met nieuwe landoppervlakte in te nemen komt van Europa en dient door te sijpelen tot de grondeigenaars, zo kan Europa bijvoorbeeld beslissen om een bepaald stuk landoppervlakte te herbestemmen en hierbij de eigenaars te vergoeden.

Hierrond zien we vijf Europese pioniers landen die inzetten op No Net Land intake (België, Frankrijk, Luxenburg, Oostenrijk en Duitsland). Vlaanderen was de eerste regio die hierop inzette, maar ondertussen is het duidelijk geworden dat we al ver achterlopen op de andere pionier landen.

Voor mij was het een zeer leerrijke lezing die me aan het denken heeft gezet over hoe we moeten omgaan met ruimtelijke ordening en hoe we onze landoppervlakte kunnen ‘recycleren’. Ik denk dat het belangrijk is dat elke vastgoedprofessional stilstaat bij het feit dat onze wereld niet oneindig groot is en we moeten stilstaan bij hoe we onze landoppervlakte in de toekomst willen gebruiken.

Kasper Vercruysse — Alle rechten voorbehouden — Website door Robin Monseré • © 2025